Zo vermijd je als koper op te draaien voor schade na het compromis

Als je een woning koopt verstrijken er enkele maanden tussen het compromis en de notariële akte. Maar wat als er zich in die periode schade voordoet aan het pand.

Als je een woning koopt verstrijken er enkele maanden tussen het compromis en de notariële akte. Maar wat als er zich in die periode schade voordoet aan het pand. Wie draait daar dan voor op?

Het gebeurt wel eens dat een onroerend goed beschadigd raakt tussen het compromis en de notariële akte. Dat kan bijvoorbeeld te wijten zijn aan het feit dat de verkoper bij zijn verhuis schade veroorzaakte, doordat gasten bij een feestje nog schade toebrachten, doordat door het koude weer leidingen bevroren enz.

Wie draait ervoor op?

In principe is het de verkoper die deze schade moet oplossen. Zolang de notariële akte nog niet getekend is staat de verkoper in voor schade die nog wordt toegebracht aan de woning ook al is dat door ‘externe’ omstandigheden.

Een kwestie van bewijs

In de verkoopovereenkomst staat allicht een clausule dat je de woning koopt in de staat waarin deze zich bevindt. Als je dan nadien de schade opmerkt wordt het bijzonder moeilijk de verkoper daarvoor aan te spreken. Je zou dan al moeten aantonen dat de schade er nog niet was bij het ondertekenen van de compromis. En daar durft het schoentje wel eens te wringen.

Hoe oplossen?

Je zou kunnen vragen aan de verkoper dat er een tegensprekelijke plaatsbeschrijving wordt opgesteld op het moment van het ondertekenen van het compromis. In het compromis kan je dan meteen een clausule zetten dat je vlak voor het verlijden van de notariële akte het recht krijgt om het gekochte pand nog te bezichtigen om na te gaan of er geen bijkomende schade in werd aangebracht en of het gekochte pand nog in dezelfde staat is als ten tijde van het compromis.

 

Jan Roodhooft, advocaat (www.ra-advocaten.be)