Verhuur van een deel van de eigen woning aan zijn vennootschap – Hoe aangeven ?

Het gebeurt vaak dat een bedrijfsleider een deel van zijn gezinswoning ter beschikking stelt van zijn vennootschap. Dit komt tegemoet aan een nood aan werkruimte in hoofde van de vennootschap en is overigens, binnen de perken van de wet, een fiscaal interessante manier om middelen uit de vennootschap te halen.

Het gebeurt vaak dat een bedrijfsleider een deel van zijn gezinswoning ter beschikking stelt van zijn vennootschap. Dit komt tegemoet aan een nood aan werkruimte in hoofde van de vennootschap en is overigens, binnen de perken van de wet, een fiscaal interessante manier om middelen uit de vennootschap te halen. In tegenstelling tot de bezoldigingen worden de verkregen huurgelden immers niet onderworpen aan sociale bijdrages, enerzijds, en kan een voordelig kostenforfait worden toegepast op de verkregen huur, anderzijds.

Het verhuren van een deel van de ‘eigen’ woning (woning die u zelf betrekt) heeft uiteraard een invloed op de manier waarop de huurinkomsten moeten worden aangegeven.

Wordt een deel van de ‘eigen’ woning gebruikt voor beroepsactiviteiten, verhuurd of gebruikt door derden, dan zal het gedeelte van het kadastraal inkomen (KI) met betrekking tot dat deel niet geacht ‘eigen’ te zijn en zal bijgevolg niet vrijgesteld zijn. Men zal dus het verhuurde gedeelte van het KI van de woning (bijvoorbeeld 25% van het KI) moeten aangeven in Vak III, A, 5. a), codes 11/2109. De brutohuur, voor het deel niet geherkwalificeerd in bezoldiging (grens : 5/3 x niet geïndexeerd KI x 4,23), zal moeten aangegeven worden in de codes 11/2110.

Indien de bedrijfsleider privé een hypothecair krediet heeft afgesloten ter financiering van zijn ‘eigen’ woning, zal het verhuren van een deel ervan aan zijn vennootschap niet alleen een impact hebben op de aangifte van de huurinkomsten, maar ook op de aangifte van de terugbetalingen van zijn krediet.

Laten we als hypothese nemen dat het krediet van de bedrijfsleider in aanmerking komt voor het fiscaal voordeel van de ‘woonbonus’ (in beginsel kredieten afgesloten vanaf 2005).

De kapitaalaflossingen moeten in beginsel niet opgesplitst worden in een deel ‘privé’ en een deel ‘verhuurd’. Wat de interesten betreft met betrekking tot het verhuurde gedeelte van de woning, zullen zij eveneens kunnen worden aangegeven in het kader van de ‘woonbonus’ althans indien de verhuring slechts aanvangt na 31 december van het jaar waarin de lening is aangegaan. In het ander geval zullen ze niet in de ‘woonbonus’ kunnen worden aangegeven maar zullen ze wel afgetrokken kunnen worden van het onroerend inkomen (aangifte in codes 11/2146). Een onroerend inkomen is effectief aangegeven voor het verhuurde gedeelte van de gezinwoning (zie supra, codes 11/2110). De belastingplichtige zal echter vaak voordeel hebben de interesten met betrekking tot het verhuurde gedeelte aan te geven in aftrek van het onroerend inkomen, eerder dan in de ‘woonbonus’. Zijn fiscale korf ‘woonbonus’ zal inderdaad vaak reeds gevuld zijn met de kapitaalaflossingen en de ‘privé’ interesten.

De nieuwigheid van dit jaar is het feit dat een splitsing federaal/gewest voortaan ook zal moeten worden doorgevoerd voor de kapitaalaflossingen, en niet enkel meer voor de interesten. Het verhuurde gedeelte van de woning wordt immers niet meer beschouwd als ‘eigen’ woning en zal bijgevolg onder de federale bevoegdheden vallen. De kapitaalaflossingen met betrekking tot het verhuurde gedeelte van de woning (bijvoorbeeld 25%) zullen dus recht geven op de federale ‘woonbonus’ (Vak IX, Rubriek C, 1., codes 13/2370). De kapitaalaflossingen met betrekking tot het privé gedeelte van de woning (bijvoorbeeld 75%) zullen recht geven op de gewestelijke ‘woonbonus’ (Vak IX, Rubriek B, 1., codes 3370/4370). Let wel dat deze 75% ‘privé’ vaak reeds zullen volstaan om de fiscale korf te vullen en de 25% ‘verhuurd’ geen enkel fiscaal voordeel meer zullen opleveren. De interesten, indien niet aangegeven in codes 11/2146, en dus aangegeven in de ‘woonbonus’ (zie supra), zullen eveneens de splitsing federaal/gewest volgen (respectievelijk verhuurd gedeelte/privé gedeelte).

Bron: www.mysavings.be

 

Lees ook:

 

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *